Leestijd: 8 minuten

Hoe is het er nu mee?

Jos: ‘We zijn druk in voorbereiding voor de overdracht. Het is nu allemaal in kannen en kruiken. Toch heeft het een heel lange aanloop gehad. Je moet goedkeuring van de AFM krijgen en dan duurt het natuurlijk nog een tijd voordat je het wereldkundig kunt maken. Ik heb samen met Peter Zuidhoek en Bas Winnubst het klantenbestand doorgelopen en gekeken welke klant er beter bij Peter of Bas paste.

Wanneer heb je bedacht dat je weg wilde?

‘Anderhalf jaar geleden. Je hebt wel een ontzettend lange voorbereiding nodig. Je moet van tevoren goed bedenken hoe het organisatorisch en financieel geregeld moet worden.’

En ben je dan echt helemaal weg?

‘Nou ik ben nog wel aandeelhouder van Holland Rijnland Assuradeuren en blijf ook mede-eigenaar van het pand. (Lachend) Wij hebben een constructie met elkaar geregeld en ik mag vanaf 2 januari lekker freewheelen.’

Hoe zijn deze laatste weken voor jou?

‘Ik zou niet nog een maand hier willen lopen zo. Ik doe nu echt de laatste klusjes. Zaken zijn al overgedragen, een aantal klanten ook, beoordelingsgesprekken hoef ik niet meer te doen… Vanmiddag hebben we een presentatie over volgend jaar voor het personeel en daarna gaan we uiteten. Ik mocht alleen de drie pagina’s met de cijfers aan input doen. En ik heb het eten geregeld (lacht).’

Je deed hier haast alles geloof ik…

‘Ik heb wel alles gedaan maar later hebben wij de taken met de vennoten altijd goed verdeeld. Mark Simons deed alles op het gebied van pensioenen, Peter Zuidhoek hypotheken en financiële planning, Bas Winnubst is degene die Schade Zakelijk doet en ik deed dat laatste ook en ik stuurde het kantoor en volmachtbedrijf aan.’

Hoe is je carrière eigenlijk begonnen?

‘Nadat ik uit dienst kwam in 1980 ben ik direct gaan werken bij Van der Spruit Assurantiën. Op de middelbare school hielp ik al bij Pim van der Spruit op kantoor met het opbergen van de post. Toen ik uit dienst kwam vroeg Pim of ik niet bij hem wilde komen werken. Eerst heb ik zes maanden intern bij Nationale Nederlanden een verzekeringsopleiding gevolgd. Dat was een opleiding voor zonen van tussenpersonen. Dat was ik dan wel niet, maar ik mocht toch komen door de connecties van Van der Spruit. Zo ben ik dit vak ingerold.’

Dus je hebt heel veel in de praktijk geleerd?

‘Veel wel. In de avonduren begon ik meteen met allerlei verzekeringsopleidingen en haalde ik mijn assurantiediploma’s. In 1990 ben ik vennoot geworden bij Van der Spruit Assurantiën en in 1999 is Van der Spruit gefuseerd met Dobbelmanduin, waar Peter Zuidhoek werkte. Toen zijn we met elkaar in één pand in Lisse gaan werken en zo is Van der Spruit & Dobbelmanduin ontstaan. Mark Simons werd direct partner. In 2012 heeft Van der Spruit & Dobbelmanduin de nieuwe naam gekregen: VDSD. De oude naam was te lang en ons mailadres was al VDSD. Vanaf dat moment is het VDSD geworden en zijn we hierheen verhuisd in 2012.’

Wat was voor jou de mooiste tijd hier?

‘Ik vond het al die tijd wel mooi. Maar de laatste jaren draai ik op de automatische piloot. Alles is zo aan banden gelegd. Alles moet in een vakje passen en dat vind ik niks. De jongere generatie is daar veel meer aan gewend. Zij handelen er ook veel makkelijker naar. Dat was voor mij een reden om te zeggen: ik ga stoppen.’

Heb je veel gewerkt?

‘In het begin wel. De eerste jaren werkte ik heel veel ‘s avonds. Ook toen de kinderen klein waren had ik ‘s avonds afspraken met particuliere klanten. Soms had ik er nog wel twee. Daar moet ik nu echt niet meer aan denken.’

Wanneer kwam de omslag voor jou?

‘Begin 2016. Ik merkte dat ik de uitdaging miste. Dat was in 2010 ook het geval maar toen kwam verhuizen met kantoor ter sprake. De nieuwbouw was weer een nieuwe uitdaging. De wet- en regelgeving in de branche is voor mij ook een punt van ergernis en dan heb je daar geen zin meer in. Wat mij het meest over de streep heeft getrokken was ehhh… Albert Verlinde.’

Albert Verlinde?

‘Ik hoorde een interview met hem waarin hij zei: “De uitdaging is eruit, maar het betaalt zo lekker.” Dat was bij mij ook precies wat er aan de hand was. Waarom nog blijven? Vanwege het geld? Ik heb in zevendertig jaar alles wel een keer meegemaakt. Toen heb ik eens gekeken naar mijn financiën als ik zou stoppen. Ik realiseerde me dat het kon en dacht: nou, dan doe ik het. Maar ik heb nog genoeg te doen…’

Wat ga je dan doen?

‘Mijn schoonzoon heeft een garagebedrijf in Voorschoten. Ik doe wat administratieve zaken en dat kan ik overal doen: thuis, in Frankrijk… Op z’n tijd eens een rondje golfen en eens een extra tripje naar het buitenland ondernemen. Dat zijn dingen die ik ook leuk vind.’

Jos van der VlugtJe gaat niet achter de geraniums…

‘Het mooiste is dat ik voortaan de tijd aan mezelf heb. Eigenlijk is het een pensioen tussen aanhalingstekens. Ik ga verschillende andere activiteiten doen zonder de vastigheid van mijn huidige werk. Ik ga nog meer ondernemen. Kijken of ik nog iets anders kan starten, totaal buiten de verzekeringsbranche. Ik ga uit mijn comfortzone. Het voordeel is: als ik niks wil doen, hoef ik niks te doen. Als ik zeg: ik heb geen zin om ergens achteraan te gaan en ik ga een maand naar Frankrijk, dan doe ik dat. Nou ja, mijn vrouw heeft natuurlijk ook nog werk… Zij geeft schilderworkshops. Dat doet ze dan in ons winkelpand dat is ingericht als atelier. Er staan elf schildersezels en een grote tafel. Mijn vrouw is pas begonnen. Dat is toch leuk: ik stop en zij gaat beginnen.’

Jos van der VlugtHeb je ook moeilijke tijden gekend met VDSD?

‘Nou, het is niet altijd een stijgende lijn, maar wel altijd een stabiele lijn geweest. Dat komt ook omdat wij als kantoor nooit met de hypes mee hebben gedaan. Er was een tijd, bijvoorbeeld toen de spaarloonregelingen en premiespaarregelingen in de mode raakten, dat kantoren zich daar dan helemaal op stortten. Wij hebben dat niet gedaan.’

Als je terugkijkt, zou je iets anders doen of aanpakken?

‘Nee, ik denk dat het kantoor zoals het nu is wel bij ons past. Het past in ieder geval bij mij. Een heel groot kantoor waar je elkaar niet kent of de klant niet kent; dat zou niks voor mij zijn. Voor ons alle vier niet hoor. Vooral de laatste jaren met de vier eigenaren waren fantastisch. We konden ontzettend goed samenwerken. Zonder ruzies of discussies omdat we alle vier onze eigen taken hadden. We zaten niet in elkaars vaarwater en we deden niks dubbel. Als dat goed loopt en iedereen is tevreden, dan laat je dat zo.’

Wat is de grootste valkuil voor de toekomst denk je?

‘Een valkuil zullen ze niet echt hebben, maar ze moeten uitkijken dat ze niet teveel intern gericht zijn. Het gaat vooral om de klanten. Die zijn het belangrijkste. Ons motto is “van ondernemer, tot ondernemer”. Dat spreekt mensen aan. Als je tegenwoordig bij een bank komt, heb je een accountmanager, maar een jaar later heb je weer een ander. Hier is het zo dat wij met ondernemers te maken hebben en zij hebben met ons als ondernemer.’

Hoe ging het in de crisistijd?

‘Wij hebben niet echt een crisis gehad. Onze klantenkring is opgebouwd uit bedrijven die al langer bestaan, hele stabiele bedrijven. Dus dat zijn geen eendagsvliegen. Tuurlijk merkten we dat het iets minder was, maar geen crisis. Het bleef redelijk constant.’

Lag je wel wakker van de berichten tijdens de crisis?

‘Nee, wij zijn zelf ook altijd een heel stabiel bedrijf geweest. Je moet nooit meer opmaken dan je verdient. Je moet wel meebewegen. Daarnaast hebben wij altijd goed geïnvesteerd in personeel. We hebben nooit mensen hoeven ontslaan. Zeker niet omdat het minder ging.’

Jos van der VlugtWat zijn nou echt de hoogtepunten geweest?

‘Dat wij als kantoor volmachten kregen van verzekeraars. De verhuizing, met name de verhuizing hiernaartoe, ons gloednieuwe eigen kantoor in 2012. Dat was natuurlijk leuk. En het heeft ons ook echt wel wat gebracht, weer een stapje voorwaarts. Zevenendertig jaar gaan toch wel zo aan je voorbij.’

Wat is je advies voor de achterblijvers?

‘Richt je vooral naar buiten toe, op de klant. Ik denk daarom ook dat er best toekomst is voor adviseurs die bijvoorbeeld maar één of twee medewerkers hebben. Die kunnen namelijk de aandacht aan de klant geven en zijn niet alleen maar intern gericht bezig. Dat is het grote gevaar als een onderneming groter wordt. Wij hebben daarom gezegd: we zitten rond de 25-26 mensen en dat is een mooi aantal waarbij je alles nog met elkaar kunt behappen. Als je te groot wordt en er geen persoonlijk contact meer is, is dat een drama voor de klant. Bij ons vraag je naar Yvonne of Susanne. Zorg dat het persoonlijke contact in stand blijft en automatiseer niet alles weg omdat dat zo lekker makkelijk is.’

Hebben jullie dan geen callcenter?

‘Nee. Je krijgt altijd rechtstreeks mensen aan de lijn. Dan kom je weer bij het verhaal van ondernemer tot ondernemer. De vier eigenaren (straks vijf) zijn ook de personen die allemaal het contact met de klanten hebben ten aanzien van het advies. De afhandeling gaat altijd via de backoffice. Dat is de kracht van een kantoor als dit en van vele andere kleine kantoren.’

Zie je nog uitbreidingsmogelijkheden?

‘Ze hebben nu iets nieuws: EB Support. Dat is een platform waar een zakelijke klant op kan inloggen en waar hij zijn personeelsgegevens kwijt kan, met direct een koppeling naar een salarispakket en de arbodienst. Daar kunnen dus ook de personele verzekeringen in ondergebracht worden. Daar heeft de klant één dashboard waar hij dat allemaal in één keer ziet. Daar hebben we het afgelopen halfjaar geld en tijd in geïnvesteerd. Dat is echt een meerwaarde voor de klant en ook voor het kantoor.’
‘Verder is Mark Hoogeboom (die bij Holland Rijnland Assuradeuren zit) heel ver met het automatiseren van directe koppelingen. Dat als een aangesloten tussenpersoon polissen invoert het automatisch in het systeem van Holland Rijnland Assuradeuren verwerkt wordt. Zo kunnen onze werknemers weer meer tijd besteden aan het maken van offertes en het helpen van de tussenpersonen.’

Hoe zie je het verzekeringswezen zich ontwikkelen de komende jaren?

‘Ik denk dat de wet- en regelgeving echt niet soepeler gaat worden, maar ik denk wel dat er steeds meer advies nodig is voor de zakelijke klant. Voor de particuliere markt gaat veel rechtstreeks, maar de zakelijke markt heeft echt advies nodig. Dat zie je nu weer met de opmars van de cyberverzekeringen. Dat gaat de komende jaren wel een behoorlijke vlucht nemen.’

Daar zijn jullie al mee bezig, toch?

‘Ja er staan diverse offertes bij klanten uit, maar het leeft nog niet zo erg. Er moeten er een paar heel erg schrikken en dan komen ze wel… Maar de overheid kan je nu al een boete opleggen tot 800.000 euro als je geen maatregelen neemt. Dat is één van de punten waarmee wij nog meer mee naar buiten moeten treden.’

Jos van der VlugtWat wil je nog doen de komende jaren?

‘Ik wil het liefst iemand vinden die een leuk idee heeft waarmee ik het samen kan doen. Ik wil helpen om de boel op de achtergrond op de rit te zetten. Dat merk ik namelijk ; starters hebben vaak wel ideeën en weten aan klanten te komen, maar een heel bedrijf optuigen met personeel en hoe het fiscaal zit, contracten afsluiten… Ik wil daar wel tijd en geld in investeren. Dus ik op de achtergrond en dan bemoei ik me verder niet met de dagelijkse gang van zaken.’